De AVG kent zes wettelijke grondslagen in Artikel 6: (1) toestemming van de betrokkene, (2) uitvoering van een overeenkomst, (3) wettelijke verplichting, (4) bescherming van vitale belangen, (5) vervulling van een taak van algemeen belang of openbaar gezag, en (6) gerechtvaardigd belang. Elke verwerking van persoonsgegevens moet op minimaal ��n van deze grondslagen gebaseerd zijn.